Morgenlicht in Avondgloren

'k Wil de dageraad tot stilte manen
waardoor mijn droom nog door zal gaan
ook door de dag een weg blijft banen
om niet in duister stil te staan

Die tijd van toen met heel zijn toekomst
is door de donkere tijden ver vergaan
slechts zwarte waarheid toont zijn kille komst nu
wanneer het tijd is om weer op te staan.

Mijn stramme botten kreunen krampen
een koude start van een onwillig lijf
vergt weer zijn tijd om tegen tegenzin te kampen
en toe te treden tot een daags bedrijf.

De grauwe dag neemt ook vandaag zijn aanvang
met wachten op wat snel verleden heet
steeds door 't tehuis weer dagelijkse trage stoelgang
tot een moment, dat zijn totaal vergeet.